• Overige vestigingen
  • Könst & Dunweg logo
  • Spierings & Dunweg logo
  • Van der Putten & Dunweg logo

De glazen pot met Engelse drop

Door de ogen van een uitvaartleider…
“Die blikken in je ogen… zeggen alles tegen mij…”
Een sierlijke glazen pot gevuld met kleurige zoet-ruikende Engelse drop. Deze neem ik uit de handen van de familie in de hal van het crematorium. Deze pot zet ik, zoals afgesproken, straks neer op de hoge tafel bij de ‘uitgang’. Een laatste fysieke zoete herinnering aan een levensgenieter om mee te nemen als de mensen hun eigen weg weer gaan vervolgen.

De weduwe, de twee dochters die in heel veel verschillend zijn en toch ook niet, de schoonzoons en de kleinkinderen, ze zijn met een trotse eenheid van heb ik jou daar, naar mij toegelopen. Aan alles merken de collega’s en ik dat ze beverig klaar zijn om hetgeen, wat ze eigenlijk niet willen, te gaan doen. Het is de dag van de uitvaart van een markante levensgenieter. Stuk voor stuk zien ze er om door een ringetje te halen uit. En de dochters. De charmante dochters maken weer een opmerking waarbij mijn mondhoeken voor de zoveelste keer deze week omhoog zijn gaan staan.

Hij zou ons eens zo moeten zien.
In een jurk allebei. En op hakken!

Ze zijn prachtig. Allemaal. En door de kwetsbaarheid vanuit hun ogen en de trilling van hun stemmen, in combinatie met hun humor maakt dat ik ze wederom bewonder.

Ze hebben mij veel verteld de afgelopen dagen. Veelal over meneer en hun leven samen. Waarbij gezelligheid voor meneer gepaard ging met eten. De frituurpan die elke avond aan ging, de haring van een speciale viskraam op de woensdag wat een ritueel onderonsje was van meneer en een schoonzoon. Ze hebben verteld over de snoepwikkels die zij overal aantroffen, over de gevulde koeken en de glazen pot met Engelse drop. Over dat hij niet echt van de muziek was, behalve dan dat hij Rieu wel kon waarderen op de tv maar vooral kon schaterlachen om de doventolk improvisatie van de Lama’s met het liedje van Hazes: Geef mij nu je angst. “Want die blikken in je ogen … zeggen alles tegen mij…” gieren de dochters aan tafel terwijl ze de denkbeeldige blikken opentrekken en in hun oogkassen plaatsen.

Ze hebben verteld over zijn liefde voor Texel en over de keuze van het crematorium. De weduwe laat mij zien dat ze vanuit de prachtige flat in de verte het pand zien liggen. En ze vertellen met zachte stem ook over het toen nog naderende einde van hun leven samen. In het ziekenhuis. Dat dit toch best heel afstandelijk leek te zijn. Het naderende einde van een markante levensgenieter wat hij zelf leek af te doen met een ‘ga maar weg’ handgebaar naar zijn dierbaren. Waarna de deur van de kamer sloot en zij hem pas weer terugzagen toen hij stil in een bed lag met zijn ogen gesloten.

Ik probeer tijdens het aanhoren van dat laatste moment, te achterhalen wat dit afscheid voor hen heeft gedaan. Dit kan van betekenis zijn in hoe zij de dagen naar de uitvaart gaan beleven en vooral op de dag zelf. Al snel werd het duidelijk. Althans voor mij. Later meer dan duidelijk voor hen. Meneer kon niet anders. Zijn liefde voor zijn gezin was te groot. En als een paar mensen dit kunnen begrijpen zijn het de mensen aan deze keukentafel. Het afstandelijke bleek dichter bij elkaar dan ooit.
“ Want die blikken in je ogen … zeggen alles tegen mij…” Ze kijken elkaar aan, ze kijken mij aan en door de tranen heen lachen ze. Het zegt alles. Dit was zijn manier. Het zei alles over zijn liefde voor hen. En het niet willen loslaten, maar wel moeten.

“ Maar dat liedje kunnen we niet draaien hoor. Ik ga kapot. Pies in m’n broek dan. Of krijs de boel jankend bij elkaar. Je kunt mij dan opvegen. Of zullen we het wel doen en als we gaan huilen dat jij dan een paar denkbeeldige blikken open trekt Natas…?” zeggen de dames bijna in koor.

Uiteindelijk hebben ze niet voor dit lied gekozen. Hoewel ik best aardig wat kan improviseren als het op lachen aankomt, is dit zo’n belevingsmoment wat niet aan iedereen met het juiste perspectief kan worden doorgegeven. Het is wel een houvast richting de uitvaart en voor eeuwig daarna. Geen blik overigens meer dat ik zonder glimlach zal opentrekken. Grappig eigenlijk dat een liedje niet eens de boventoon voert, maar dat een gebaar de toon zet. Het gebaar van de doventolk improvisatie. Het gebaar van meneer zelf vlak voor zijn overlijden. En gebaren heeft deze uitvaart vorm gegeven.

Zo heeft de schoonzoon een haring bij de viskraam gehaald welke ingeseald en al bij meneer in de kist is gelegd. Naast de tekeningen en brieven hebben ze allemaal eigen momenten gehad om afscheid te nemen waarbij woorden overbodig waren. Een enkele zwaai van ‘ga maar’ bleek oké. Verdrietig maar oké.

De liedjes tijdens de uitvaart zijn gekozen op basis van de nabestaanden, hun gevoel en hun woorden. Hun gebaar aan de markante levensgenieter. Met bijbehorende foto’s vanaf een beeldscherm. En wanneer ze spreken, spatten de woorden liefdevol uiteen in de ruimte gevuld met bekenden. Bij de afsluiting stip ik het aansluitende samenzijn aan, waarbij de frituur niet zal ontbreken en verzoek ik hen om namens meneer en de familie een ‘zoete herinnering’ uit de glazen pot mee te nemen. Een oplatend gelach vermengt zich tussen de mensen. Men neemt afscheid op een ieders eigen manier.

Geruime tijd later is ook het samenzijn ten einde. Ik vertel ze dat de afgelopen week en vandaag bijzonder zijn geweest. Ook voor mij. Een flink gebaar in de vorm van een innige omarming volgt. De dochters en ik trekken nog één keer een aantal denkbeeldige blikken open en proppen deze in onze oogkassen. “ Jullie gaven elkaar de angst. Jullie gaven mij de angst. En jullie blikken, die blikken… die zeiden alles tegen mij.”

En de glazen pot met Engelse drop…? Die was leeg.

Natascha Honigh Madrid

(Blog is geplaatst met toestemming van nabestaande)

Onze overige vestigingen