Beste Jan, John, Norbert en de familie, Ik herinner mij Cor als een stille genieter. Ze genoot van alle domme grappen en grollen van John, Norbert en van ons, de grafische mts’ers. Ik heb met Cor gemeen dat ik ook wel van een wijntje hou dus bij de verjaardagen ontstond onder het genot van een glaasje vaak een gezellig gesprek. In Puerto de Mazaron bleek haar liefde voor de zon en het strand. Daarom heb ik twee foto’s toegevoegd waaruit het genieten van de gezelligheid met de familie en de liefde voor het strand blijkt. Salut!

Cor Groen-Thiel
24 september 1937 - 30 maart 2020
Laat een condoleance achter
Een woord, een herinnering, een gedachte — alles is welkom.
Dit is de tekst die ik voor mam heb voorgedragen tijdens de uitvaart: Daar lig je dan meisje, in het middelpunt van de belangstelling. Een rol die jou niet zo goed past, je hield meer van kijken, vanaf de zijkant alles in je opnemen en genieten van de mooie mensen om je heen en de gekke fratsen die je zoons uithaalden. Trotse moeder, al had je soms moeite om dat te tonen. Nou mam, gelukkig is door de omstandigheden het grootste deel van het publiek thuis gebleven. Observeren, alles in je opnemen. En dan vooral lettend op de kleding, dat was wel je ding. Je zorgde altijd, hoe moeilijk dat soms ook was, dat jijzelf en wij netjes gekleed de deur uit gingen. Ik weet nog goed dat je een heel mooie houtje-touwtje-jas voor mij gemaakt had, en ik vond hem lelijk en wilde hem luidkeels gillend niet aan. Wat zal dat pijn gedaan hebben, maar je was wel zo standvastig dat ik in die jas naar school ging, en ik heb hem nog lang met veel plezier gedragen. Je was een vroegbloeier. Als jonge zelfstandige meid ging je al op vakantie door heel Europa. Je was een mooie meid, een natural beauty, modieus gekleed en met die lange benen en lange vingers ging je zo door voor een fotomodel. Toen we dinsdag afscheid kwamen nemen, herkende ik je eerst niet. Hebben ze nu de verkeerde vrouw in die kist gedaan, maar toen zag ik je mooie handen die ik uit duizenden zou herkennen. Ja die waren het wel, maar jij was gelukkig al vertrokken. Je was de koningin van Keeping-up-appearences, je deed alles in het teken van het gezin, om vooral de buitenwereld niet laten weten hoe slecht of rot het ook was. Daarin was je super creatief en daardoor had ik een behoorlijk onbezorgde jeugd. Ondanks dat ik een lastige puber was en er af en toe een zooitje van maakte, bleef je wel altijd in mij geloven. Binnenshuis kon je je stoom afblazen en je zuchten zijn legendarisch, als wij thuis lopen te puffen zeggen wij tegen elkaar: “Niet zo zuchten Cor”. Dat, de schone schijn op houden, was misschien ook wel de reden dat we zo laat pas door kregen wat er al heel lang aan de gang was. Antwoorden deed pappa al zo lang voor je, dat het niet op viel dat je eigenlijk niet meer uit je woorden kwam. En dat je het niet allemaal meer bij kon benen, letterlijk en figuurlijk. Pappa, bedankt dat je het nog zo lang hebt volgehouden om Mamma thuis te laten genieten van jullie huisje hier aan de overkant. Ondanks dat ze dat niet met zoveel woorden zei, zag je dat ze daar erg blij mee was. Zieke mensen, waren niet aan jou besteed, ziekenhuizen daar hield je je het liefst ver van. Ik denk dat je daarom eigenlijk nooit ziek was, door je ijzeren wil om maar bij zieke mensen uit de buurt te blijven. Je angst om iets op te lopen, deed je de laatste jaren tot stilstand komen dacht ik vaak, totdat we er achter kwamen dat de Parkinson dat deed. Toen besefte ik voor het eerst dat we nooit meer samen door de woonkamer zouden dansen, zoals we dat vroeger vaak deden als er een swingend nummer op de radio was. Ik zou nog graag even op je schoot zitten om getroost te worden, zoals je altijd zo goed kon, als mijn knie stuk was of als ik eng had gedroomd. Want goed troosten is niet zo makkelijk als het lijkt en al helemaal niet op anderhalve meter afstand. Emoties tonen was jij nooit erg goed in, maar je was er wel voor ons. Ik kan me nog een keer herinneren dat Johns relatie op de klippen liep, toen hebben we met z'n drieën uitgebreid een potje zitten janken, dat was fijn. Je was er altijd voor ons, ’s middags als wij uit school kwamen, zat je te wachten met een pot thee en op TV Catharina wegkeilen en Amanda doorspoelen. Als we ziek waren speelde je uren lang spelletjes met ons, Vier-op-een-rij en Onderuit, en wat zei je ook al weer als Donkey-Kong naar beneden viel? “Aah, op zijn bek gepleurd!” Mam ik ben hier, je Bobbeltje, wij hadden een speciale band en nooit echt woorden nodig om elkaar te begrijpen, daardoor heb ik tot op het laatste moment die connectie met je gevoeld. We hebben nog samen muziek geluisterd en we zagen dat je er van genoot. Ik heb je niet meer nodig om onderbroeken voor me te kopen, dat kan ik inmiddels zelf. Maar ik zal je wel missen Ik zal je adremme grapjes missen. Ik zal dat ondeugende meisje missen dat nog vaak de kop op stak. Ik zal de pakken lange vingers bij de thee missen. Ik zal de knetterende scheetjes missen, net als de koningin doet en waar je altijd even goed voor ging staan. Ik zal je hand op mijn arm missen. Ik zal de pretlichtjes in je ogen missen. Ik zal jou missen. Maar je zal altijd in mijn hart bij me blijven, en dan niet als de gebochelde oude vrouw die je de laatste jaren in rap tempo bent geworden, maar de trotste, ranke, mooie vrouw en lieve moeder met die prachtige zachte handen. Mam geniet van je welverdiende rust. En wees voor altijd dat vrolijke meisje dat in je huisde.
Lieve John, Norbert en meneer Groen, Wat verdrietig dat jullie moeder en uw vrouw is overleden. Ik herinner mij haar als een warme persoon. Ik hoop dat het afscheid van haar mooi en waardig was. Voor jullie allemaal heel veel sterkte gewenst om haar verlies een plekje te kunnen geven. Veel liefs Anita, Jeroen en de jongens. (Timmer)
